donderdag, juni 08, 2006

Kennis bestaat uit gewoontes

Kennis bestaat uit handelingspredisposties, 'gewoontes': interacties
waarvan we gewoon zijn dat de handeling, de intentie van de handeling en
het resultaat van de handeling (min of meer) met elkaar overeenkomen.
Dit is kennis waarop 'begrijpen' ook letterlijk van toepassing is.

Dit menselijk handelen is uitgebreid met symbolische interactie (een
soort handel in metahandeling, ook wel bekend als manipulatie), waardoor
de handelingen niet uitgevoerd hoeven te worden, en kennis als
symbolische interactie kan worden uitgewisseld. En opgeslagen. Handig,
maar hierdoor is de correspondentie tussen de (symbolische) handeling,
de concrete (in termen van een concreet gevoel) intentie van de
handeling en het concrete resultaat verdwenen, met ander woorden: er
ontstonden problemen met waarheids(be)vinding. De oplossing van Lewis
Carroll: 'wat ik drie keer zeg is waar', lijkt voor velen een
acceptabele oplossing, zeker wanneer dit gepaard gaat met enige
psychische of fysieke aandrang (technologiese dominatie).

Een bijkomend probleem - en ik vermoed dat daarin de transformatie zit
die ons te wachten staat - is dat de (symbolische) handelingsdispostie
is ontstaan dat er een verschil is tussen de symbolische
handelingsdispositie (immatriële geest) en fysieke handelingsdispositie
(matrieel lichaam). Omdat dit een symbolische handelingsdispositie is,
is er geen concrete waarheidsbevinding mogelijk.

Er is geen concreet experiment mogelijk om aan te tonen dat er een geest
los van het lichaam bestaat - hoewel dat wel concreet zo voelt. Dat dit
ook inhoudt dat de stelling dat geest en lichaam één zijn NIET verworpen
kan worden, wordt 'gerepareerd' met een double bind: wanneer geest en
lichaam één zijn, 'bestaat' de concrete werkelijkheid niet of is er geen
moraal voor het handelen mogelijk ( 'dan is alles toegestaan'). Dit
wordt in stand gehouden door een zekere sociale aandrang (soa, of
lucifer principe), of anders, de noodzaak om in sociale groepen te
moeten leven - als onhandige aap - maakt handig gebruik van dit
fenomeen. Sterker nog, de symbolische interactie maakt groepen van een
schaal mogelijk, die tot nu toe slechts in de insectenwereld voorkwam.
(Hetgeen een argument zou kunnen zijn - ik zocht er gisteren naar - dat
mieren, termieten of bijen in een symbolische wereld leven, waarin niet
met tekens maar met chemische stoffen of bewegingen wordt
gecommuniceerd, een analoge taal. We hebben dan geluk gehad dat 'ze'
geen mogelijkheid gevonden lijken te hebben om een digitale taal (= met
behulp van betekenisloze tekens) te construeren, zoals wij, want anders
zouden ze helemaal niet meer te stoppen zijn geweest.)

Het lijkt me een noodzakelijk onderdeel van kennisverwer(k)(v)ing,
hetgeen niet meer en niets minder is dan het veranderen van de context
waarin kennis bestaat, om te worstelen.

donderdag, april 06, 2006

Data lezingencyclus

"Our obligation is to preach the delight in work that takes us to the kind of new utopias we reach when a device like a cell phone or a service like Google expands the very nature of humanity."

De vier (plus één) principes van uiterst effectieve groepen ofwel hoe het wereldbrein ons over smalle paden leidt naar de reconstitutie van kapitalisme. De komende lezingen worden gehouden op:

Data: volgen

donderdag, maart 16, 2006

Visueel overzicht van de conferentie


Op dit plaatje staat een overzicht van de werkconferentie. In het bovenste gedeelte staan de plenaire bijeenkomsten, onderin de diverse panel workshops. Een en ander is verbonden via de sprekers. Resultaat van de werkconferentie: werken met meer betekenis.
Klik hier voor een animatie:
Animatie Facilitating a Next Renaissance

maandag, maart 13, 2006

"Wat we echt willen, is bijdragen aan iets groters dan onszelf... aan iets met betekenis"

Met deze uitspraak zette, Barbara Annis, CEO van een consulting firma uit Canada, Howard aan om eerst te gaan werken aan 'Reïnventing Capitalism'. Hij had het boek beter 'Reïnventing meaning' kunnen noemen. Walter Freeman - schrijver van 'How BRAINS make up their MINDS' - begint met: 'A fundamental and enduring human activity is the search for meaning' (vrij vertaald: mensen zoeken doorlopend betekenis). Maar, hier is de val, we kunnen betekenis niet definiëren. We kunnen wel spreken over betekenis, zoals nu, maar net als met de definitie van tijd: je weet wat ermee wordt bedoeld, maar je kunt niet zeggen wat het is..

Betekenis is uniek voor ieder persoon. Daarom, denk ik dan, klinkt het woord meaning als mening. En relaties als gemeenschap - gezamenlijk mening maken. Betekenis ontstaat in elke situatie. We verlangen naar betekenis, we maken - en vernietigen - betekenis. Betekenis is alles, vanaf het moment dat we onze naam ontvangen tot de tekst op onze grafsteen. Betekenis is is beken et anders geschreven.

Mensen zijn op zoek naar Betekenisvolle Relaties. Oppervlakkig denk je, 'wat houdt het in?' Maar onder de oppervlakte wil je een inhoudelijke relatie. Je wilt weten: 'wat zit er voor mij in?'. Misschien is je verteld dat je moet kijken naar de waarde - in geld - van de relatie. Je weet wel beter. 'Wat zit er voor mij in' gaat over relaties. Jij, ik, wij, we hebben echte relaties nodig. We beginnen met het maken van betekenis, we scheppen relaties, ons werk zit in de betekenis als het leggen van relaties. Eigenlijk 'is' betekenis de relatie. Dat maakt het zo moeilijk om het te definiëren. Definiëren betekent et einde ('fini)' van de relatie. Daarom staat in de conferenties de relatie centraal.

Het medium is de boodschap en de betekenis is van mij. Betekenis bestaat uit zowel inhoud, de boodschap, de woorden, de knipoog, als de relaties, de gemeenschap. Eigenlijk wordt de relatie gevormd door de betekenis. De inhoud maakt onderscheid tussen voor- en achtergrond, ongeveer zoals de zwarte letters op dit witte scherm. De relatie maakt een onderscheid tussen jou en mij, tussen de context en degene die interpreteert. Betekenis ontstaat uit het verschil van verschillen. Daarom is 'status' zo belangrijk voor bacteria, planten, dieren en mensen. 'Status' signaleert de betekenis van de relatie, het vormt de relatie, het 'is' gemeenschap.

De twee conferenties 'Facilitating a new Renaissance' - gaan over het bijdragen aan iets groters dan jezelf: reinventing meaning to your work. Heruitvinden van de betekenis van je werk. We onderzoeken de grote vragen van onze maatschappij. Niet door te vertellen wat die zijn, maar door naar elkaar te luisteren. Daarna gaan we erover stemmen (niet over de beste oplossingen, maar over de beste problemen) en vervolgens beginnen we te zoeken naar mogelijke oplossingen. Tenslotte gaan we JOU vragen welke bijdrage jij denkt te kunnen hebben aan de mogelijke oplossing voor een actueel en groot probleem. Samen iets betekenen. Niet meer dan het aanbieden van de mogelijkheid een renaissance te laten gebeuren. Het is vaker gedaan.

zaterdag, maart 11, 2006

Reverse engineering van onze toekomst

In de voorbereiding van de conferentie kwam ter sprake dat de conferentie eigenlijk een voorbeeld isvan het opnieuw uitvinden van de toekomst. In plaats van een nieuw product of dienst uit te vinden, halen we ideeën van een ander uit elkaar en zetten het verbeterd en vernieuwd in elkaar om te verhandelen. Dat deden we al in de Gouden Eeuw en we doen het nu nog steeds. We pakken de miljarden jaren oude regels van de evolutie en maken er een nieuwe dienst van.
Logisch, waarschijnlijk, wanneer je in de moerassige delta van een aantal grote rivieren leeft. Daar wordt je wel 'resource shifter' van, verhandelaar in hulpbronnen.

donderdag, maart 09, 2006

Bruggen bouwen, nieuwe bruggen

De mensheid bouwt graag torens. Torens als symbool van kracht, macht en status. Torens bouwen zit in onze natuur, maar leidt tot problemen, zoals al blijkt uit het verhaal van de Toren van Babel. Op deze conferentie bouwen we geen torens, maar bruggen. Bruggen tussen groepen, culturen, mensen. We zoeken ook een nieuwe manier van bruggen bouwen. Vandar dat deze conferentie in Am*dam is: de stad van bruggen.

dinsdag, maart 07, 2006

Zekerheid in twijfel

Dat we hier zijn is een mysterie en tegelijkertijd ook heel gewoon. Ons antwoord op deze paradox is de twijfel die het mysterie onderzoekt waarvan onze geest het nietige middelpunt is. Die twijfel is een antwoord dat niet voert tot meer kennis over iets bepaalds, maar tot inzicht in het geheel.
Het geloof in de twijfel
Stefan Bachelor

We leven in een wereld vol spanningen. Verschillen tussen geloven en waardes is de norm en we verwachten eerder conflicten dan consensus. De dreiging van conflicten stimuleert partijen of groepen vaak om haar versie van de werkelijkheid aan anderen op te dringen in een poging de ander te overtuigen en gelijk te krijgen. En helaas, zelfs wanneer we het eens zijn, is dat geen garantie dat we gelijk hebben.

Begrijpen van de wereld kan niet door eenduidige interpretatie van technische handleidingen. Begrijpen is een vorm van sociaal gedrag, interpretatie, onderhandeling en meningen. In de woorden van Peter Checkland, "Social reality is the ever-changing outcome of the social process in which human beings, the product of their genetic inheritance and previous experiences, continually negotiate and re-negotiate with others their perceptions and interpretations of the world outside themselves" (Checkland 1981, 283- 284). Giovanni Battista Vico zegt het puntiger, "To know the world, one must construct it." (Shrage 1990, xvii).

In hun ijver naar waarheid, zijn velen te vroeg te zeker van hun zaak. De meesten voelen zich zeker van hun opvattingen, willen de status quo, en hebben weerstand om te veranderen. Twijfel is een ongemakkelijk gevoel, - het lijkt op conflicten - en brengt ons uit evenwicht. Onze waarheid, ons intern consistente systeem, ondersteunt en onderhoudt ons. Slecht weinigen begrijpen van nature, zoals Anais Nin: "We don't see the world as it is; we see it as we are." ("We zien de wereld niet zo als ze is, maar zoals we zijn") . Dit inzicht is de paradox, de paradox van het perspectief: omdat de waarheid waarin we geloven uniek is voor wie we zijn, zouden we er niet op moeten vertrouwen dat ze algemeen is.

Maar wanneer we niet in onze waarheid kunnen geloven, waarin dan wel? We zouden kunnen zeggen: "we geloven in twijfel". Wanneer we niet op onze waarheid kunnen vertrouwen, waarop dan wel? Daarop kunnen we zeggen - en vanaf hier de belangrijkste aanpassingen aan de oorspronkelijke tekst - : "we vertrouwen op groepen".

Twijfel is goed. Immers, in een wereld van verschillende en conflicterende werkelijkheden hebben we mensen nodig die bereid zijn hun twijfel te volgen, die openheid en onderzoek voorstaan, die meer willen leren, meer vragen stellen; mensen die zorgvuldig luisteren naar elke mening, ieder perspectief , alles willen begrijpen en die er zelfs aan twijfelen dat ze alles begrijpen.
Twijfel is niet goed. Aan de ander kant, je kunt niet blijven twijfelen: het leidt tot onzekerheid.Te veel twijfel leidt tot gebrek aan acties, 'orderly inaction'. Hoe komen we tot acties als we, als individu, blijven twijfelen? Daarom is het ook belangrijk om te vertrouwen op groepen.

We maken twee veronderstellingen over groepen:
1. Ieder uniek individu kan in potentie waardevolle en unieke bijdragen leveren aan de groep;
2. Sommigen kunnen, in bepaalde omstandigheden, meer waardevolle bijdragen - expertise, inzicht, oordeel - leveren dan anderen.

We weten alleen zelden welke individu wanneer de meest geschikte expert is voor welke taak. We geloven in twijfel en hebben geen objectieve manier om te bepalen wiens bijdrage wanneer beter is voor de groep als geheel. Te vaak vertrouwen we één persoon toe om de belangrijkste oplossingen, de taken, de acties voor de groep uit te voeren; met als resultaat dat het wereldbeeld van deze persoon de groep gaat domineren. Dat kan niet buiten de wet van Thomas om - wat mensen verwachten dat er gebeurt, beïnvloedt wat er gebeurt - en niemand heeft het altijd bij het rechte eind.

Het alternatief dat we bieden is: de groep laten beslissen wat de belangrijkste problemen zijn en de individuën in staat te stellen hun bijdragen af te stemmen op dat waarin de groep het meeste vertrouwen heeft. De groep stemt wat haar noodzakelijk lijkt af met wat in haar beschikbaar is. Dit is wel iets dat begeleid moet worden. Groepen doen dit niet van nature. Mensen in groepen moeten leren van elkaar te leren, op een manier dat ze van elkaars twijfel gebruik maken. Onze neiging onze eigen waarheid te absoluteren, is een soort reflex. Daarom de inzet van facilitators.

Om effectief te zijn hebben groepen concordantie - harmonische samenwerking - nodig: ze moeten het eens zijn over wat ze willen bereiken (= samen werken) plus de unieke en verschillende bijdragen van de individuën respecteren (= harmonie). Dan hebben we de grootste kans op succes. Dit houdt in dat het voor het geloof in groepen noodzakelijk is om een hoge mate van diversiteit te hebben. Omdat het veel gemakkijker is om consensus te bereiken met een homogene groep, hebben leden vaak de neiging om gelijksoortige leden te selecteren. Of om af te dwingen dat iedereen hetzelfde denkt. Op de lange termijn ondergraaft dat de effectiviteit van de groep. Terecht roept concordantie het beeld van de film 'Fanfare' op: uit verschillende delen kan wel degelijk een harmonisch geluid volgen.

Om groepen onze meest complexe en conflictueze problemen op te laten lossen, moeten we deelnemers hebben die verschillen in hun unieke manier van het construëren van een eigen waarheid; en we moeten condities scheppen waarin deze naast elkaar kunnen blijven bestaan terwijl ze besluiten tot individuele acties. We streven ernaar mensen bij elkaar te brengen met allerlei verschillende gezichtspunten. We beloven zo veel mogelijk interactieve methoden en technieken te gebruiken om de deelnemers te stimuleren tot tolerantie en respect, tot luisteren en vragen stellen, tot onafhankelijke gedachtevorming en conversatie. We geloven in twijfel maar we twijfelen niet aan groepen.

Referenties:
Vertaling met aanpassingen van "Geloof in twijfel" - Sandor P. Schuman

Checkland, Peter (1981). Systems Thinking and Systems Practice. Chichester, England: John Wiley & Sons. Maier, Norman R. F. (1967). Assets and liabilities in group problem solving: The need for an integrative function. Psychological Review, 74, 4, 239-249.
Reagan-Cirincione, Patricia (1994). Improving the accuracy of group judgment: A process intervention combining group facilitation, social judgment analysis, and information technology. Organization Behavior and Human Decision Processes, 58, 246-270. Schrage, Michael (1990). Shared Minds: The New Technologies of Collaboration. New York: Random House.

Waarom nu deze interessante conferentie?

"Er wordt al veel te veel lucht verplaatst in Europa", zie iemand me vandaag, en hij had het niet over een lagedrukgebied. "Maar de ideeën van deze conferentie klinken heel goed. Kunnen we dat weekend in maart niet gebruiken om de koppen bij elkaar te steken? Dan kunnen we een goede campagne ontwikkelen voor dit soort conferentie!". Jammer, maar helaas, de zalen, de sprekers en de facilitators zijn vastgelegd. Deze conferentie hoort in het voorjaar. Op de conferentie gaan we 'dus' ook met de deelnemers de koppen bij elkaar steken.

Verder 'hangt 't in de lucht': er zijn vele van dit soort initiatieven; mensen zijn bereid om inititief te nemen; de hulpbronnen zijn nog voorradig; het 'Lucifer Principe' - in de vorm van radicale opstanden opgestookt door gefrusteerde subtoppers - steekt de kop steeds nadrukkelijker op; En, last but not least, dít is de manier ook een try-out, een pilot gedaan kan worden, dit is de MusicalLogic werkwijze: wat kan moet en wat moet kan.